afscheid
Lieve mensen,
Ik ben de zus van Maarten en ik moet jullie helaas mededelen dat Sjaak en Maarten van ons zijn heengegaan. Zij zijn opgegaan in Het Licht. Sjaak is bijna 2 maanden geleden overleden. Maarten 6 dagen later. De dood van Sjaak kwam als een verrassing. Hij is van de trap gevallen. Maarten hielt vol dat het een ongeluk was maar ik geloof niet in toeval. Bovendien was het net volle maan. Maarten heeft na de crematie een overdosis genomen. De thuishulp heeft hem gevonden.
Ik ben al weken bezig met het opruimen van het huis. Met brandende salie heb ik het huis gezuiverd van alle demonen die hier heersten. Bij de computer vond ik een briefje met alle wachtwoorden. Ook van deze weblog. Sjaak had het vaak over zijn weblog. Hij dreigde steeds alles openbaar te maken wat ik zei. De arme ziel deed of hij me niet mocht maar ik weet beter. We hielden juist van elkaar.
In de beginjaren dat hij met Maarten was heb ik geprobeerd hem duidelijk te maken dat Maarten niet zo goed voor hem was. Martie was overheersend destructief en Sjaak zo fijntjes en kneedbaar. Maar de orkaan der liefde is niet te stoppen. De bomen wuiven nu eenmaal als de wind haar heeft gestreeld. Sjaak wilde geknefeld worden in liefde. Hij had het koud tot aan zijn botten. Vooral toen Maarten ziek werd. Hij zocht en zocht maar vond het niet. Hij zocht het ook hier op deze weblog. Maar in al die tijd heeft hij maar 2 berichtjes gehad. Hij werd er mistroostig van. Hij had zo graag omarmd willen worden door jullie.
Lieve mensen. Als jullie liefhebben, brand dan een kaarsje voor mijn broer en mijn zwager. Dat zullen ze fijn vinden.
Open je hart en de liefde zal stromen,
Anja
clusterbom
De waarheid sloeg in als een clusterbom. Eerst een grote klap, gevolgd door venijnige bommetjes die aangewakkerd door een simpele handeling of herinnering in mijn hersens uiteenspatten.
Ik was een accessoire, een handtasje. Niks meer, niks minder. Eergisteren struinden Mathilde (buurmeisje) en ik door de nieuwe bibliotheek aan de Oosterdokskade. Kwamen we (toevallig?) een paar vriendinnen van haar tegen. We moesten en zouden wat gaan drinken op de bovenste etage. Dus wij aan de cappuccino. Schilderde Mathilde me af als een zielige afhankelijke poot! En hoe schattig ik wel niet ben, dat ze zo moest lachen om mijn maniertjes. Toen stond ze op en probeerde theatraal mijn ‘loopje’ na te doen! Iedereen lachen. Het leek of alle lucht uit de ruimte verdween. De stemmen om me heen versmolten in één monotone toon. Ik werd duizelig. Ik moest weg en ging weg. Eenmaal buiten ben ik op m’n laatste krachten over de brug naar de trappen van de NEMO gestrompeld om die rotwijven niet meer tegen te hoeven komen. Daar heb ik lang gezeten. Toen het begon te regenen ben ik naar huis gegaan.
Maarten was wakker. Ik pakte hem vast en gelukkig knuffelde hij terug. Hij vroeg of dit betekende dat ik weer wat meer thuis was. Hij heeft me gemist. Gelukkig heeft hij me gemist. Achteraf gezien weet ik niet wat me bezielde met die Mathilde. Ik had beter moeten weten. Achteraf zie je dingen scherper. De film krijgt diepte, inhoud. Ik hoor hier, hier thuis, hier bij Martie, bij mijn Maarten.
-Sjaak-
ik ben een project!!
Lezers, Ik heb jullie verwaarloosd. Sinds 12 augustus ben ik namelijk een project en heb daarom weinig tijd. Mijn buurmeisje heeft zich namelijk over mij ontfermd. Over mij! Dat geloof je toch niet. Zondag werd er op de deur geklopt. Ik deed open, sta ik oog in oog met een hortensia. Een hel blauwe hortensia. Ik schrok me kapot. Ik sta niet ergens snel van te kijken maar op ooghoogte ineens een hortensia treffen? Dat verwacht je niet. Van de schrik bekomen, ontdekte ik achter die grote plant het buurmeisje. Die plant bleek voor mij. Ze wilde met me praten. Buiten. Ze was geschrokken van mijn emotionele uitbarsting waar ze getuige van was geweest en moest er wat mee. Zo zei ze dat ‘hier moet ik wat mee’. Dus de afgelopen dagen zijn we elke middag samen uitgeweest. Naar rustige plekken. Met tram 7 naar het Flevopark, lopend naar de hortus, naar de fontein op het Frederiksplein. En we praten wat af. Over mijn jeugd, over mijn eerste jaren in Amsterdam, hoe ik verliefd werd op Maarten. Ik wist niet dat ik zoveel te vertellen had. En het een en ander wordt me zo pratend duidelijk. Gek hè, na zoveel jaar vallen opeens dingen als puzzelstukjes in elkaar. Bijvoorbeeld hoe mijn stiefvader mij aanstuurde om in Amsterdam te studeren. Ik bakte niks van mijn studie sociologie maar hij bleef maar geld sturen. Hij was blij dat ik weg was. En over mijn homoseksualiteit. Daarover heeft hij een keer gesproken. Hij zei dat hij het accepteerde omdat iedereen wel een afwijking heeft. Inmiddels weten we wel wat de zijne was. Schijnheilige zak! Los van die pijnlijke ontdekkingen gaat het goed met mij. Morgen schijnt de zon, net als ik. -Sjaak-
Tranen
Lezers, Ik haat Maarten. Ga dood of blijf leven. Maar dat halve gedoe is niks. Nu gaat het wat beter met hem. Maar niet tussen ons. Gisteren: Mijn humeur was wat herstellende na dat hypocriete gedoe met z’n zus van een paar dagen terug. Ik was net thee aan het zetten en vertelde Maarten vanuit de keuken dat het toch zonde is van onze tijd om ruzie te hebben, toen de bel ging. Was die zweefteefvaneenkutzus er weer! Zette ze hem buiten in een stoel op de stoep neer. Lekker in het zonnetje, zei ze. Gaf ze hem ook nog eens andere thee dan ik gezet had! Betere, yangere. Want ons drugsgebruik is super ying (eerder zei ik yang maar het is dus ying). Maar mooi dat ik erbij ging zitten. Ik laat me echt niet wegjagen door die heks. Het merendeel van wat ze zeiden ging langs me heen. Ik was te druk met boos zijn. Stond opeens het buurmeisje naast me. Ik schrok me kapot. Ze vroeg me hoe het ging. En alsof ze de kraan openzette, stroomde de tranen langs m’n wangen. Volledig onverwachts. Ik weet nog dat iedereen naar me keek. Ik stamelde wat en ben snel naar binnen gegaan. Heb me op de bank gestort en huilde tot ik niet meer kon. Toen ben ik in slaap gevallen en werd pas wakker toen het donker was. Nu heb ik koppijn. De thuiszorgdame vroeg me net iets over Maarten. Ik snauwde dat hij dat allemaal wel zelf kan vertellen. Toen mompelde ze iets over ‘verkeerd been uit bed’ . ‘Verkeerd been uit de bank, bedoel je!’ dacht ik bij mezelf. Als ze weg is, ga ik snel mijn ying-gehalte op pijl houden -Sjaak-
Ik doe er niet toe
Ik doe er niet toe. Dat wist ik al maar is me pijnlijker duidelijk dan ooit. Zus van Maarten stond gisteren onaangekondigd op de stoep. Zei dat ze zo kon zien hoe we echt leven. Alsof ik voor haar komst het hele huis een metamorfose geef ofzo. Ze had natuurlijk een hoop aan te merken en stak meteen een paar ‘zuiverende’ wierookstokjes op. Die walm hangt er nog steeds. Maar dat was niet het ergste. Het ergste was dat Maarten zo levenslustig werd toen hij z’n zus zag. Hij had hele gesprekken met haar. Ze lachten. En op een gegeven moment vroegen ze mij de kamer uit te gaan. Ga maar even een frisse neus halen, zei Maarten. Ik protesteerde dat het zou gaan regenen. Maar zuslief vond dat onzin. Ze bleek gelijk te hebben maar goed. Ik werd gewoon weggestuurd! Ik dacht dat ik iets betekende voor Maarten. Stom, stom, stom.
En de Surinaamse thuiszorgdame negeerde me ook al. Alsof ik lucht ben. Ik had nog wel de afwas opgeruimd. Ze zei niks! Geen bedankje, niks. Niemand mist me als ik er niet meer ben. Zelfs Maarten niet.
-Sjaak-
lezers,
Ik heb even m’n bedenksels van de vorige keer overgelezen, over die doelgroepen. Wat een onzin zeg. Sorry daarvoor.
Maar het is lastig als je een ‘luchtigere’ toon zoekt om nog iets interessants te melden als je nu eenmaal niet zo luchtig bent. De Surinaamse thuiszorgmadam komt zo weer. Tussen ons gezegd en gezwegen, vind ik haar strengheid wel prettig. Erg hè, ben net een kleuter. Want ik geniet er ook van als ze m’n gedrag prijst. Zo rook ik voor haar uit het raam. En dan krijg ik daar een goedkeurende blik voor terug.
Verder gebeurt hier weinig. Gisteren heb ik plaatjes voor Maarten gedraaid en heb zelfs voor hem gedanst. Hij moest lachen, dat maakte me blij. Soms heb ik het idee dat ik niks voor hem kan doen. Hij wil het zoveel mogelijk alleen doen. Ik ben vaak teveel. Ik probeer ook wel eens weg te gaan maar ik heb nooit een doel. Thuis vind ik het toch het prettigst.
-Sjaak-
doelgroeploos
Lezers,
Ik heb nagedacht of ik zou blijven bloggen en ben tot de conclusie gekomen dat ik het me steun geeft. Dus ik ga door. Ik ga wel proberen het iets luchtiger te houden dus start ik met een overdenking van mij namelijk dat ik geen doelgroep ben. Daar ben ik vandaag achtergekomen. Ik zag gisteren op tv, dat homo’s in Amerika ondanks hun anti-homo-attitude als marketingdoelgroep worden benaderd. Dat zette mij aan het denken. Ik voel me namelijk door geen enkele reclame aangesproken. Er is niemand die mij (in het legale circuit dan) iets verkopen wil. Men vindt het natuurlijk niet erg als ik een product afneem maar toch, ik ben niet de koper die ze vooraf in brainstormsessies hebben gemodelleerd. Bij nader inzien zouden sommige marketeers het wel degelijk vervelend vinden als ik als met mijn uitgeleefde junkenkop een Armani-shirt zou dragen, maar dat terzijde. Ik heb geld, oud geld. Genoeg geld om rustig 101 te worden zonder bang te zijn dat ik naar de Sociale Dienst moet. In de doelgroep: hopeloos kansarm en/of verslaafd en uitkeringtrekker pas ik ook niet. Dus de Aldi heeft geen doelgroep aan mij. Nou de rest richt zich vooral op middenklasgezinnetjes en het luxere segment. Nergens pas ik bij. Ik vind het niet erg hoor. Ik concludeer het alleen.
Wat ik wel erg vind is de Gay Pride. Op weg naar de Albert Heijn stuitte ik toevallig op de botenparade. Ik wilde doorlopen maar m’n blik bleef hangen op de voorbij varende boten met dansende mannen. Eigenlijk vind ik het ordinair, ik ben de doelgroep niet maar ik raakte er toch door geïntrigeerd. Die mooie energieke gebruinde lijven….. Ik begon weer iets te voelen wat ik al heel lang niet gevoeld heb. Het verwarde me. Ben snel naar huis gegaan en wilde er iets mee doen maar bij de aanblik van Maarten zakte mijn libido desastreus. Geen climax, geen boodschappen maar wel verwarring. Ik ben nooit vreemdgegaan, had ik ook nooit de behoefte aan. Maarten wel. Ik weet dat hij weet dat ik het weet. Ik neem hem niks kwalijk. Ik snap dat ik niet voldoende kon zijn. In het begin vond ik het lastig maar ik conformeerde me met het voldongen feit. Als ik hem wilde houden moest ik m’n mond houden. En nu, nu heb ik zelf als een tienerjongen zitten zwijmelen op die bezweten adonissen. Voor even was ik Maarten. En dat voelde verwarrend goed.
-Sjaak-
dialoog
Lezers,
Sorry van dat ‘gedichtje’ vanmorgen maar er hing een diepdonkere wolk boven mijn toch al niet te beste stemming. Ik moest spuiten en had niks in huis. De Surinaamse thuiszorgdame zou nog komen. Maarten sliep de hele tijd. Ik werd helemaal gek van mezelf.
Nu gaat het wel weer. Maar ik wilde nog even wat zeggen voordat ik m’n bed induik(lees bank, ik kan niet meer naast Maarten liggen, hij hoest en stinkt) . Lezers, ik dacht dat ik niet gelezen werd. Dat mijn bedenkingen slechts een digitaal monoloog voerde maar dit blijkt anders te zijn. Ik kreeg een berichtje! Van Amanda. Ze heeft m’n gedachtengolven niet helemaal ontvangen zoals ik ze had verstuurd maar ze schreef wel iets heel liefs. Ik ben ontroerd. Tegelijkertijd voel ik me ineens verantwoordelijk. Stel je voor dat iemand ook dood wil en uit mij inspiratie vindt. Dat is niet de bedoeling. Misschien moet ik ook hier maar mee stoppen. Want ik wil niet verantwoordelijk worden voor een ander z’n dood. Aan m’n eigen heb ik al meer dan genoeg.
-Sjaak-
DOOD
Als ik straks dood ben, Ben ik vrij Dit leven hier Is niks voor mij Ik ben een gebruiker Een problemen-ontduiker Een looser tot op het bot Ik ben een krot, vod, mot Ik wil vliegen Ik wil dolen Met Maarten aan mijn zij Verlos me van m’n ketens, laat me vrij Dood kom me halen! Neem me met Maarten mee Alstublieft, asublieft, asublieft. Alstublieft
Slapen, slaaaaaaaapen, slaaaaaaaaaaaaap, Ik, Sjaak, ik wil slapen…..
